Bruinisse is net als veel andere plaatsen op Schouwen-Duiveland in de vijftiende eeuw ontstaan. Het werd aanvankelijk Oost-Duiveland genoemd, maar de naam Bruinisse kreeg vanzelf de overhand. Nisse is een ander woord voor landtong. Bruin duidt of op de kleur van de schorren of op die van een persoon. Dat is niet exact bekend.
Er zijn bij Bruinisse meerdere havens. Voor de vissersboten zijn er aan het water de Krammer een vissershaven en een reparatiehaven. Aan het Zijpe is er de Vluchthaven Zijpe, bedoeld voor binnenschepen en vissersboten. Deze werd in 1931 aangelegd als aanmeerplaats in de vaarroute tussen het kanaal door Zuid-Beveland en de Dordtse Kil. En dan is er ook nog de voormalige Veerhaven, daar voer ooit de veerboot tussen Anna-Jacobapolder en Zijpe van 1847 tot 1988. De huidige aanleg dateert van 1954.
Al eeuwen lang is Bruinisse een mosseldorp. De mosselkweek vormt een belangrijke inkomstenbron. In de wateren rondom het dorp zijn overal de staken te zien die mosselpercelen afbakenen en de drijvende tonnen voor de hangcultuurmosselen. Door de bloeiende handel in mosselen, groeide de vissersvloot en daardoor moest de haven twee keer worden uitgebreid. In 1872 en in 1912. Aan de andere kant van de N59, ten noordwesten van het dorp, werd in 1964 een jachthaven aangelegd.
Bovenaan de dijk bij Bruinisse staat het beeld van een geopende mossel. Hét symbool van dit dorp. Jaarlijks wordt het mosselseizoen dan ook feestelijk geopend met de visserijdagen, altijd het derde weekend in juli. In september 2023 werd ter gelegenheid van het 555-jarig bestaan van het dorp een mosselmaaltijd georganiseerd aan de haven. Aan de langste mosseltafel ter wereld aten die dag 1084 mensen mosselen. Bruinisse heeft natuurlijk ook een museum: Brusea. Hier kom je alles te weten over de geschiedenis van de visserij en de mosselkweek in Bruinisse.
Het water, de storm, de stilte… Zeeland staat grotendeels onder water na de nacht van 1 februari 1953. Vooral dit gebied, Schouwen-Duiveland, Goeree Overflakkee en Tholen zijn zwaar getroffen. Maar het gevaar is dan nog niet geweken. In de middag is het weer vloed en het water komt nog hoger dan ’s nachts. Mensen gaan daarom het dak op en veel huizen die de nacht hadden doorstaan, storten in. Ook nu verdrinken er mensen. Tegen vijf uur wordt het donker. Duizenden mensen gaan nat, koud en dorstig de tweede nacht in. Op de derde dag van februari komt de redding goed op gang. Slachtoffers worden geëvacueerd met helikopters en hulpverleners komen met honderden schepen het rampgebied binnen. Vraag 6: Er is hier het monument voor de slachtoffers van de ramp in 1953. Ieder jaar op 1 februari wordt hier stilgestaan bij de watersnoodramp met een herdenking en een kranslegging. Op het monument vind je een toepasselijke tekst.Neem de laatste twee letters van het tweede woord.