Omdat de molen van Brouwershaven op de vestingwallen van de stad staat, kun je hem al van verre zien. Gebouwd in 1724 en tot 1954 werd hier nog graan gemalen. Een paar jaar later begon de restauratie en vond met nog sporen van een oude molen die op dezelfde plek heeft gestaan. De laatste restauratie vond plaats in de jaren ’60 door de molenmaker J. van den Hamer. De kleine molen ‘windlust’ is dus blijkbaar goede reclame geweest! Deze molen heeft natuurlijk ook een naam. Welke dat is? Dat kun je vinden op de kap van de molen. Vraag 4: Aan welke dijk ligt deze molen? Noteer de laatste letter.
Vroeger lieten de boeren uit de omgeving in dit gebied hun vee grazen. Van de heer van slot Haamstede kreeg je hier een vergoeding voor. Door het trappen met de hoeven en het grazen kreeg je veel verschillende planten in het landschap. Vanaf de jaren ’60 richtten de boeren zich op toeristen, de grazers verdwenen. De duingraslanden raakten flink begroeid, maar met veel dezelfde planten en bomen. Toen werden de konijnen ook nog eens ziek, waardoor zij ook verdwenen uit de duinen. Veel dezelfde planten, betekent minder dieren. Een groot probleem dat opgelost moest worden. Stel jij bent beschermer van de Zeepeduinen. Hoe zou jij het dan oplossen?
Het Watersnoodmuseum ligt in het krekengebied van Ouwerkerk. Dit museum is gevestigd in de caissons, betonnen bakken, waarmee de laatste gaten in de dijken zijn gedicht. Het museum vertelt het verhaal van de ramp, met ook veel ruimte voor persoonlijke verhalen. Buiten staan foto’s waarop te zien is hoe het landschap er voor de Ramp uitzag.