De vloek van de zeemeermin: - waarom alleen de Plompe Toren bleef staan

Stel je voor: je bent visser op de Noordzee. Terwijl je de netten binnenhaalt, zie je ineens iets bewegen. Geen vis. Geen zeehond. Maar een zeemeermin.

Volgens een eeuwenoude Zeeuwse legende overkwam dit de vissers van Westenschouwen. Achter hun schip zwom een wanhopige zeemeerman, die hen smeekte zijn vrouw terug te geven. Zonder water zou ze sterven.

Maar de vissers luisterden niet.

Ze brachten de zeemeermin naar het dorp en hingen haar aan de kerk. Het nieuws verspreidde zich razendsnel. Van heinde en verre kwamen mensen kijken naar het wonderlijke wezen. Maar terwijl de menigte zich vergaapte aan de bijzondere vangst, vocht de zeemeermin voor haar leven. Zonder water kwijnde ze weg. Uiteindelijk blies ze haar laatste adem uit.

De zeemeerman was ontroostbaar. Verdriet sloeg om in woede en hij sprak een vloek uit die eeuwen later nog steeds door Zeeland klinkt:

Westenschouwen, 't zal u rouwen
dat ge heeft geroofd mijn vrouwe,
Westenschouwen zal vergaan,
alleen de toren zal blijven staan.

Volgens de legende brak diezelfde nacht een verwoestende storm los. De zee eiste haar tol en het welvarende Westenschouwen verdween uiteindelijk van de kaart. Ook het nabijgelegen Koudekerke werd door de zee verzwolgen. Alleen de toren bleef staan: de Plompe Toren, die nog altijd als eenzaam baken uitkijkt over de Oosterschelde.

Een dorp dat langzaam verdween

Hoe mooi de legende ook is, de werkelijkheid verliep minder spectaculair, maar minstens zo bijzonder.

Westenschouwen was in de vijftiende eeuw een levendig vissers- en handelsdorp. Vanuit de haven vertrokken schepen met haring naar Engeland en werden goederen uit Frankrijk, Scandinavië en de Oostzee aangevoerd. Het dorp floreerde dankzij de zee.

Juist diezelfde zee zorgde uiteindelijk voor de ondergang. Door kustafslag en stormvloeden veranderde de kustlijn. Het vrijgekomen zand hoopte zich op in de havenmond, waardoor de haven rond 1500 langzaam verzandde. Schepen konden Westenschouwen steeds moeilijker bereiken en kooplieden weken uit naar Zierikzee. Wat ooit een bloeiend handelsdorp was, kromp in korte tijd tot een klein gehucht.

De kerk bleef nog eeuwenlang als ruïne staan, totdat ook de toren in 1845 en 1846 werd afgebroken. Toch leeft de herinnering voort. De huidige Plompe Toren, afkomstig uit het verdronken Koudekerke, groeide uit tot hét symbool van de legende van de zeemeermin.

Resten onder het zand

Het verhaal van Westenschouwen is letterlijk nog niet verdwenen. Bij extreem laag water of na zware stormen zijn op het strand soms resten van het oude dorp zichtbaar. Archeologen vonden er funderingen van huizen, straatjes, waterputten en honderden voorwerpen uit de bloeitijd van het dorp. Zelfs na zandsuppleties in 2003 en 2011 kwamen delen van de oude havenbuurt opnieuw aan het licht, voordat ze weer onder het zand verdwenen.

Hoor je de kerkklokken?

De legende eindigt niet met de vloek. Eeuwenlang vertelden vissers dat ze op stille nachten de kerkklokken van het verdronken dorp onder water konden horen luiden. Of dat waar is? Niemand weet het.

Maar wie vandaag bij de Plompe Toren staat en uitkijkt over de Oosterschelde, kijkt naar een landschap waar geschiedenis en legendes naadloos in elkaar overlopen. En heel misschien luister je, als de wind gaat liggen, toch even of je ergens in de verte een klok hoort.